Nederlands English

Bewoonbare infrastructuur
Bewoonbare infrastructuur

Plattegrond begane grond
Plattegrond begane grond

Interieur op de zesde verdieping
Interieur op de zesde verdieping

Constructie detail
Constructie detail

Città Fabbrica
Città Fabbrica

Bewoonbare infrastructuur, scenario 1
Bewoonbare infrastructuur, scenario 1

Bewoonbare infrastructuur, scenario 2
Bewoonbare infrastructuur, scenario 2

Interieur van de slaapcel
Interieur van de slaapcel




PROJECTINDEX
 
CITTÀ FABBRICA
Technische Universiteit Delft
ARCHITECTURE

Van productiestad naar productieve stad
Het afstudeerproject presenteert een onderzoek naar de mogelijke rol van de architectuur in de transformatie van de Russische industriestad Togliatti naar een kennisstad.
Deze stad werd gebouwd voor het vervaardigen van FIAT auto’s, als onderdeel van het eerste Vijfjarenplan van Stalin dat een periode inluidde van grootschalige industrialisatie in afgelegen gebieden. Er werden verscheidene monotowns gebouwd voor een specifieke economische of industriële functie. Togliatti is ontworpen door de Russische architect Boris Rubanenko en is geïnspireerd op Ivan Leonidov’s project voor Magnitogorsk. De structuur bestaat uit een grid van 1 x 1 kilometer, elk vierkant bevat de noodzakelijke basisvoorzieningen voor de inwoners. De starre stedenbouwkundige opzet was erop gericht om de verplaatsingen van de bewoners optimaal te faciliteren en tijdverlies, wat werd beschouwd als nodeloze onproductieve tijd, te minimaliseren.
Tegenwoordig verkeren de monotowns in een staat van inactiviteit. Door de economische recessie is de productie vertraagd en ontstaat de noodzaak om alternatieve inkomstenbronnen te vinden. In aansluiting op het actuele debat over de productiemiddelen van het kapitalistische systeem, gaat het project in op de huidige transformatie van het concept productie; een verschuiving van de productie van goederen naar de productie van kennis. Terwijl de grens tussen leven en werken vervaagt, verandert de architectuur in een instrument van controle dat hiërarchische systemen aan het dagelijks leven oplegt.
Het project will de manier waarop we architectuur, werkplekken en opleidingen ervaren in twijfel trekken. Dat maakt een transformatie van de ontwerpprocessen en ontwerpdoelen noodzakelijk. Architectuur wordt daarbij niet beschouwd als probleemoplosser of een instrument om winst te maken, maar als gereedschap om nieuwe manieren van leven en werken te onderzoeken. Tegelijkertijd verkent het ontwerp de mogelijkheid om de productie van vooraf opgelegde economische beperkingen te bevrijden en op die manier de noodzaak van accumulatie, classificatie en privébezit te betwisten.
Deze visie overstijgt de grenzen van de traditionele planning. Gezien de schaal van het project is de ambitie om een alternatieve visie te presenteren die aanzet tot verdere reflectie. Het wil niet direct een oplossing bieden. Elke laag en elk onderdeel van het ontwerp is ontworpen om toegeëigend en opnieuw ingezet te worden op een andere schaal en in een andere conditie. Daardoor is het project zowel een specifieke interventie als een trigger voor nieuwe ideeën en plaatst het vraagtekens bij de wijze waarop we hedendaagse architectuur ontwerpen.