Het danscentrum bevindt zich in de naoorlogse wijk Osdorp, op een klein, rustig stukje groen temidden van woonblokken Een van de blokken scheidt de locatie van de straat Tussenmeer Het is de bedoeling om met het plan een uitnodigende tuin voor de omwonenden te creëren en tegelijkertijd de besloten groene hof en de meer anonieme publieke ruimte van Tussenmeer met elkaar te verbinden. Dat laatste geschiedt door middel van de wereld van de dansers die door de bestaande fysieke barrière heen breekt. Het programma dans is gekozen als een activiteit waaraan buurtbewoners van alle leeftijden en culturen mee kunnen doen. Daarnaast is dans een kunst die publiek van buiten de buurt kan aantrekken. De nieuwe functies worden gehuisvest onder het opgetilde groen dat transformeert tot een gedifferentieerd landschap. Gaten in het oppervlak vormen patio's in de dansschool en verbinden de tuin met de school. Elke patio heeft een eigen karakter dat samenhangt met het gebruik.
Beweging is een belangrijk thema in de architectuur van het project. De golvende beweging van het dak wordt nog benadrukt door de welvingen in de gevel die een spel spelen met de dakvorm. De reeks ranke balken die het zware betonnen dak ondersteunen geven een zekere lichtheid aan de onderliggende ruimten. Een tweede thema is de balans tussen interactie en privacy, met name omdat die belangrijk is voor de delicate kunst van de dans. Om die balans te kunnen bewaren is de omhulling als een sluier over het gebouw gedrapeerd. Overlappingen creëren meer of minder privacy in de achterliggende ruimten en bieden de passanten de mogelijkheid om een glimp op te vangen van de bewegingen van de dansers binnen.
Opleiding: TU Delft
Studierichting: architectuur
Mentoren: Heike Löhmann, Christoph Grafe, Maarten Meijs
|