|
|
|||
|
Voor de Archiprix 1998 werden 25 plannen ingestuurd, eenentwintig vanuit de studierichting architectuur, drie vanuit de studierichting stedebouw en één vanuit landschapsarchitectuur. Een onafhankelijke jury van deskundigen op de deelnemende vakgebieden, aangevuld met een theoreticus beoordeelde de inzendingen:
De secretaris van de jury is Henk van der Veen van het secretariaat van Archiprix. De jury beoordeelde de plannen in januari 1998 te Delft. Per ingezonden plan werd een oordeel geformuleerd met daarin de belangrijkste kwaliteiten en tekortkomingen. De jury ging daarbij steeds uit van de eigen bedoelingen van elk afzonderlijk plan.
Algemene opmerkingen Het aantal vrouwelijke deelnemers blijft met een kleine dertig procent net onder het niveau van het vorig jaar. Kwalitatief springen ze er wel uit. De helft van het aantal ontwerpers dat de jury selecteerde is vrouw, waaronder de beide winnaressen van de gedeelde eerste prijs. Planthematiek De jury vindt de ontwikkeling van een kritische, onderzoekende attitude tijdens de opleiding van het hoogste belang. Plannen waaruit deze houding blijkt zijn onder de inzendingen voor de Archiprix ruim vertegenwoordigd. 'De verleiding van het productielandschap', 'Onderzoek verstedelijking Hoeksche Waard', 'Survival of a Suburb' en 'Working Forces' vormen goede voorbeelden van studieuze plannen. De twee poëtische opgaven 'LOC ARMOR zintuigenprikkeling op het land van de zee' en 'De onuitsprekelijke gemeenschap' blijken zich goed staande te kunnen houden naast de meer op de praktijk gerichte opgaven. Door de persoonlijke fascinatie te vertalen naar een goede probleemstelling en die met de vereiste diepgang uit te werken blijkt de imaginaire opgave aanleiding te kunnen zijn voor interessant ontwerponderzoek en te kunnen leiden tot hoogwaardige ontwerpen. Plannen als 'Hyperflat', 'Nederlands Filmmuseum' en 'Infrastructuur als architectuur' kunnen gezien worden als exponenten van het 'nieuwe structuralisme'. Ze presenteren een systeem als oplossing voor het gestelde probleem. De meeste plannen in deze categorie ontstijgen slechts met moeite het zichzelf opgelegde systeem. Een volgend thema is de eendimensionale vertaling van een programma naar een gebouw. Voorbeelden zijn plannen als 'Asylon Maastricht', 'Afkickcentrum' en 'Centrum voor Psychotherapie'. In het ontwerp maakt men nogal eens typologische fouten, waarbij opvallend vaak ten aanzien van de referentie naar het klooster als gebouwtype. Binnen deze categorie vormt het plan 'Working Forces' een goede uitzondering. De locatie blijkt vaak onvoldoende relatie te hebben met het ontwerp. Het gebouw profiteert wel van de locatie maar andersom niet. Een belangrijk onderdeel van een ontwerpopgave blijft daardoor sterk onderbelicht. Enkele gunstige uitzonderingen, waarbij niet op het landschap wordt geparasiteerd zijn 'De verleiding van het productielandschap', 'LOC ARMOR zintuigenprikkeling op het land van de zee' en 'Onderzoek verstedelijking Hoeksche Waard'. In de presentatie van de plannen lijkt het gebruik van de computer definitief door te breken. Tot voor kort beperkte de toepassing van de computer zich voornamelijk tot het tekenen van plattegronden, doorsneden en gevels. De computer werd daarbij als tekenhulpmiddel in plaats van de tekentafel ingezet. Slechts in enkele gevallen was er sprake van driedimensionale modellen. Bij de Archiprix 1998 leidt de inzet van CAD-systemen op brede schaal tot een meerwaarde in de presentatie. Fotorealistische perspectieven presenteren op inzichtelijke wijze zowel het interieur als het exterieur van verschillende plannen. Het plan 'Working Forces' gaat nog wat verder, daarbij speelt de computer niet alleen een belangrijke rol in de presentatie maar vooral ook in het ontwerpproces. |
|||
|
Prijzen Onder de geselecteerde plannen waren er vijf met bijzondere kwaliteiten op bepaalde hoofdaspecten van de opgave en/of met vernieuwende ideeën, maar met tekortkomingen op andere aspecten. Deze plannen werden beloond met een eervolle vermelding. Twee inzendingen bleken zich door hun hoge kwaliteit duidelijk te onderscheiden. 'Gebouw tegen de buurt' heeft een uitzonderlijk uitdagende architectonische kwaliteit, terwijl bij 'Infrastructuur als architectuur' de consistente en doorwrochte wijze waarop de probleemstelling wordt uitgewerkt tot een inspirerend ontwerp de grootste kracht van het plan bepaalt. GEDEELDE EERSTE PRIJS
EERVOLLE VERMELDING
|
|||