|
In dit plan wordt het stroomgebied van de Maas in Limburg omgevormd om overstromingen in de toekomst te voorkomen. Het plan beoogt daarnaast om het van oorsprong temperamentvolle karakter van de Grensmaas optimaal tot uitdrukking te brengen. De aandacht wordt daarbij toegespitst op vijf karakteristieke onderwerpen: veiligheid, woestheid, wild water kanoën, zuivering en grind.
De grindbodem van de Limburgse Maas is de enige Nederlandse grindbron. Dit maakt het aantrekkelijk om overstromingen te voorkomen door het ontgraven van grind. Dertig jaar graven zal voldoende grind opleveren voor de bouw van 2,8 miljoen woningen, tegelijkertijd ontstaat een bewoond natuurgebied van 10.000 hectare.
Het hellende landschap wordt in horizontale vlakken ontgraven. Hierdoor ontstaat een woest landschap waarin 'riffles' met een groot verval en veel erosie en 'pools' met een klein verval en veel sedimentatie elkaar afwisselen. In de zomer leidt dit tot droge grindvlaktes en in de winter tot geënsceneerde overstromingen. De dorpen in de vallei blijven droog, ze komen door de omringende ontgravingen als terpen in de rivier te liggen. De grote dorpen krijgen een hoogwatervrije verbinding, de kleine zijn bij hoog water alleen bereikbaar per boot of terreinwagen.
Het nieuwe landschap zal al tijdens de uitvoering dé Nederlandse locatie worden voor wild-water-kanoërs en forel vissers. Daarna is er ook plaats voor andere functies. De rivier stelt hieraan echter haar voorwaarden. Zelfs de hoogste delen van de grindeilanden overstromen eens in de paar jaar, terwijl de meeste eilanden zich verplaatsen. Essentieel voor het plan is de permanente ontwikkeling van het gebied, ook na afloop van de ontgravingen, wanneer het landschap zichzelf vorm geeft.
Opleiding: Amsterdam
Mentoren: Christian Zalm, Winy Maas & Berdie Olthof
Studierichting: stedebouw/landschapsarchitectuur.
|