Nederlands English

Gevelbeeld
Gevelbeeld

Concept - samenvoegen van structuur van controle en begrenzing
Concept - samenvoegen van structuur van controle en begrenzing

Situatie aan de Zaan
Situatie aan de Zaan

Plattegrond derde laag met 2 x 24 cellen in het midden de isoleerafdeling
Plattegrond derde laag met 2 x 24 cellen in het midden de isoleerafdeling

Bewakingscircuit
Bewakingscircuit







PROJECTINDEX
 
ACHTER EEN MASKER
Technische Universiteit Eindhoven
ARCHITECTURE

voorstel voor een penitentiaire inrichting
Aan de rand van het centrum van Zaandam is een gevangenis geprojecteerd. De gekozen locatie richt zich op de ongemakkelijke verhouding van de gevangenis tot de publieke ruimte. De representatieve functie van detentie vraagt om een zichtbare locatie binnen een stedelijke context. Maar ruimte is schaars in de stad. Met een oppervlak van nog geen hectare problematiseert de locatie de ruimtebehoefte van de gevangenis. Uit een typologische studie kwam het carrémodel naar voren als een geschikt type voor deze plek omdat het een buitengewoon compacte organisatie kent. Daarnaast biedt dit model de mogelijkheid om de structuren van controle en van begrenzing samen te voegen tot een beveiligingsring die de gevangenis omsluit. Dit heeft een aantal voordelen. De bewaking kan sneller ter plaatse zijn als een gedetineerde zich in de ringzone tussen 'hek' en 'muur' bevindt; de gevangenis kan compacter gebouwd worden; het model biedt de mogelijkheid de operationele structuren van de gevangenis expliciet te maken. Het is dit laatste aspect waar Foucault’s kritiek zich op richt in Discipline and Punish. De toenemende verfijning van de strafmechanismen stelt deze in staat zich terug te trekken uit de publieke ruimte.
De uitwerking van het ontwerp concentreert zich op de controlestructuur. De aandacht gaat daarbij vooral uit naar het optimaliseren van het bewakingscircuit van trappen, galerijen en observatiepunten dat zich binnen de beveiligingsring bevindt, in combinatie met de organisatie van de aangrenzende gemeenschappelijke ruimten.
De ring bestaat uit een binnen- en een buitenschil. Samen vormen ze een dubbele begrenzing van de gevangenis. De binnenschil scheidt de gemeenschappelijke ruimten van het bewakingscircuit. Deze afscheiding is massief met kleine openingen die licht van buiten toelaten. De buitenschil bestaat uit glazen U-profielen die verweven zijn met een stalen traliewerk.
Op strategische locaties bevinden zich observatiepunten die voorzien zijn van confrontatieglas. Door de eenzijdige zichtrelatie ziet de bewaker, net als in een Panopticon, de gedetineerde zonder zelf zichtbaar te zijn. Omdat confrontatieglas slechts functioneert vanuit een donkere ruimte, zijn de observatiepunten ontworpen als relatief gesloten volumes. Deze observatiepunten bevinden zich op strategische locaties, die een controle van de diverse gemeenschappelijke ruimten mogelijk maken alsook een snelle interventie indien noodzakelijk.
De bewaker die zijn ronde doet in de ring is zichtbaar vanuit de publieke ruimte tot deze een observatiepunt betreedt. Hier verdraaien de rollen zich. De bewaker wordt observator en is zelf aan het oog onttrokken.
Het detentiemodel is gericht op een duidelijke scheiding van de individuele ruimte van de gedetineerde en een gemeenschappelijke ruimte die onderhevig is aan strikte controle. De cel wordt gekenmerkt door een hoge mate van privacy. Het model is om deze reden onverenigbaar met het huidige streven naar meerdere gedetineerden op één cel. Het is de conditie van sociale curatele die centraal staat, niet de ruimtelijke. Het biedt de gedetineerde een leefomgeving waarin deze zo min mogelijk met de operationele mechanismen in aanraking komt. Abstractie van deze structuren leidt tot normalisatie binnen bepaalde grenzen. Foucault beschrijft dit proces als volgt: ‘[...]to induce in the inmate a state of consciousness and permanent visibility that assures the automatic functioning of power.’ (Discipline & Punish, p201).