Nederlands English

Model en strategie
Model en strategie

Duin- en bollenregio
Duin- en bollenregio

Basisingrepen: water en infrastructuur
Basisingrepen: water en infrastructuur

Drie modellen: 'Greenport' optimaliseert de agrarische productie; 'Just green, no port' optimaliseert het landschap en het landelijk wonen ; en 'Competitive Cluster' drie zones die als een eenheid functioneren.
Drie modellen: 'Greenport' optimaliseert de agrarische productie; 'Just green, no port' optimaliseert het landschap en het landelijk wonen ; en 'Competitive Cluster' drie zones die als een eenheid functioneren.

Strategie kaart, een abstracte kaart met interventies.
Strategie kaart, een abstracte kaart met interventies.

De overlappende elementen geven een nieuwe identiteit en versterken de Duin- en bollenregio.
De overlappende elementen geven een nieuwe identiteit en versterken de Duin- en bollenregio.




PROJECTINDEX
EERVOLLE VERMELDING
BEDANKT VOOR DE BLOEMEN
Technische Universiteit Delft
URBAN DESIGN

Het plan presenteert strategische en ruimtelijke oplossingen voor veranderingen in de Duin- en Bollenstreek. Dit gebied, ingesloten tussen de Rijn, de Kagerplassen, de Haarlemmermeer, Heemstede en Haarlem staat een ingrijpende transformatie te wachten. De toekomst van dit gebied hangt sterk samen met ontwikkelingen die gaande zijn in onder meer de landbouw en de mainport Schiphol. Daarnaast spelen zaken als de vergrijzing van de bevolking en het watervraagstuk een belangrijke rol. De complexiteit van deze situatie vraagt om een flexibele toekomststrategie. Dit nog te meer om de noodzakelijke ruimte te bieden aan de ingewikkelde besluitvormingsprocessen en conflicterende belangen. Het aanvankelijke idee om een masterplan met een vastomlijnd eindbeeld op te stellen is dan ook verlaten en ingewisseld voor het ontwikkelen van een regionaal plan, op basis waarvan vervolgens de ruimtelijke en economische ontwikkelingen gestuurd kunnen worden. Op grond van de vastgestelde randvoorwaarden, onmogelijkheden, kenmerken en potenties konden drie unieke, wenselijke eindbeelden of modellen gedefinieerd worden. Elk model wordt gekenmerkt door een eigen specifieke ontwikkelingsrichting.
Model I Greenport; De doelstelling in het greenport model behelst het optimaliseren van de regio voor agrarisch gebruik. Het gebied dient ruimte te bieden voor bollenteelt als agrarische hoofdfunctie. Dit betekent dat grote percelen noodzakelijk zijn, terwijl daarnaast een goede facilitaire infrastructuur van groot belang is met onder meer optimale transportmogelijkheden en een veiling. De voortgaande stedelijke ontwikkeling van de regio is een van de grootste bedreigingen voor het model en zal dan ook tot een minimum beperkt moeten worden.
Model II Just green, no port; Met de mogelijkheid van een wegtrekkende agrarische sector in het achterhoofd wordt bollenareaal omgezet naar groen en ruimte voor landelijk wonen. Het hoofddoel is om de kwaliteiten van de bollenstreek zo goed mogelijk te benutten. Dit geschiedt door middel van het verbinden van groenstructuren en het gebruiken en zichtbaar maken van de grote diversiteit aan landschappen.
Model III Competitive Cluster; Het model van het ‘competitief cluster’ is gebaseerd op de clustertheorie van de Amerikaanse econoom Porter. Het model heeft betrekking op een locatie waar genoeg grondstoffen en competenties, kennis en ondernemingsdrang als een ‘kritieke massa’ bijeen zijn. In het geval van de Duin- en Bollenstreek is dat de bollenteelt. Daarnaast zijn ook de aanwezigheid van duin en strand, Schiphol en de stad Leiden met bio-sciencepark en universiteit, van groot belang. Dit model beschrijft de opdeling van de regio in drie zones: woonfuncties, dienstencentra en kweek & onderzoek.
Naast de specifieke kenmerken van de verschillende modellen kent de regio ook een aantal vaste problemen. Hiervoor moeten, ongeacht de later te volgen strategie, oplossingen gevonden worden. Dit zijn de zogenaamde vaste ingrepen binnen het plan. Het betreft onder meer de aanpassing van het watersysteem, de uitbreiding van het boezemwater, de aanleg van piekbergingen en de uitbreiding van het infrastructuursysteem.
De drie modellen zijn naast elkaar gezet en vergeleken. De overlappende kenmerken van de drie modellen vormen samen met de vaste ingrepen een reeks van aandachts- en ontwikkelingspunten die een solide basis biedt voor ontwikkeling van de regio, met ruimte voor keuze in een later stadium. De aandachts- en ontwikkelingspunten worden als projecten of knopen opgenomen in een strategische kaart. Een aantal van de 'knopen' wordt uitgewerkt. De uitgewerkte knopen en overlappende elementen zijn niet bedoeld om een definitief signatuur te geven aan deze visie maar om de abstracte strategische kaart te vertalen naar projecten. De overlappende elementen en knooppunten geven de nieuwe identiteit en kracht van de Duin- en Bollenstreek vorm. Zo is het idee van een sterke 5de stedelijke regio in de Deltametropool een stuk dichterbij gekomen.
Met dit onderzoek is geprobeerd aan te tonen dat het mogelijk is om met het oplossen van knopen en het uitvoeren van deelprojecten, binnen een vooraf gekozen strategie, de Duin- en Bollenstreek te ontwikkelen tot een sterke regio met een economische en maatschappelijke grote duurzaamheid, en een sterke eigen identiteit. Het is wel een illusie te denken dat met dit plan de indeling van de Duin- en Bollenstreek afgerond is, maar dit is de eerste stap. Om tot één van de eindbeelden te komen moet onderzoek gedaan worden naar invloeden en wensen, daarnaast moeten de knopen en deelontwerpen verder uitgewerkt worden.